“Ik vind vwo beter bij mij passen!”

  1. “Ik vind vwo beter bij mij passen!”

“Ik vind vwo beter bij mij passen!”

Symposium Kans op Gelijkheid

Fleur heeft het wel duidelijk voor ogen; zij wil naar het vwo. “Ik vind vwo beter bij mij passen en ik denk ook wel dat ik kan het kan halen.” Ook haar ouders, vertegenwoordigd door moeder Leonie, zijn enthousiast: “Ik vind het heel stoer. Als ze het wil en aankan moet ze dat zeker gaan doen.”

Havo naar vwo

Ondanks haar ambities staat Fleur nog niet gelijk te springen om naar de middelbare school te gaan. “Ik ga m’n vrienden missen want die gaan naar een andere school. Ook heb ik geen zin in heel veel huiswerk”, zegt Fleur ietwat verlegen. Daarnaast heeft ze het ook naar haar zin bij PC Daltonschool Ichthus. Fleur: “Ik vind het leuk hoe het onderwijs hier wordt gegeven. Ook snap ik het meestal wel.” Wel moet Fleur nog wat extra oefenen om dat vwo-advies te halen. “Vooral breuken, rekenen en spelling. Dit kan ik thuis oefenen. En wanneer ik het echt niet snap kan de juf of m’n vader of moeder me meer uitleg geven. Al moet ik het natuurlijk wel zélf doen. Dat Fleur redelijk bescheiden is wordt wel duidelijk door de aanvulling van Leonie: “Fleur is echt een hele slimme, zelfstandige meid. Ze zit ook in een groepje waarin ze meer uitdaging en extra vakken krijgt.”

Samenwerking thuis en school

Fleur heeft het niet makkelijk gehad in haar basisschooltijd. Haar ouders zijn gescheiden en haar moeder kampt regelmatig met depressies. Leonie: “De school is hier zo goed mee omgegaan. Er was extra aandacht voor haar en ook met haar verdriet kon ze bij de school aankloppen. Ichthus heeft nooit, ondanks alles wat er gebeurde, anders naar Fleur en ons als ouders gekeken. Ze zagen me altijd als de betrokken moeder van Fleur. En Fleur als een zelfstandige meid. In haar schoolresultaten zag je, heel bijzonder, niet terug dat haar thuissituatie niet goed was. Het is logisch dat je meer bent afgeleid en dat je schoolresultaten minder zijn maar dat was bij Fleur niet zo. Dat maakt dat ik extra trots op haar ben. Ook kon ze naar Kopgroep, een plek van GG-Net en Tactus waar meer kinderen waren met ouders die kampten met depressie. Er werd daar heel kinderlijk uitgelegd aan kinderen wat het inhoud om depressief te zijn en dat het niet aan hen ligt.”

In contact blijven

Nauw contact tussen ouders, school en het kind en ouders en het kind blijkt een belangrijke succesfactor in het verhaal van Fleur. Leonie: “Altijd vragen hoe het gaat, of ze nog huiswerk heeft, of er dingen zijn die spelen, is heel belangrijk. Ook als school en ouders houden we elkaar goed op de hoogte door middel van oudergesprekken en drie-gesprekken. Ik hoop dat al Fleur haar wensen uitkomen en wil haar altijd stimuleren zonder de pushen. Wat ze ook doet, ook al doet ze straks wel havo, dat maakt haar niet minder. Het is een slimme meid die weet wat ze wil!”

 

Deze verhalen zijn geschreven in het kader van het symposium Kans op Gelijkheid. Lees hier meer.

De verhalen van Fleur en Zaara zijn een voorbeeld van hoe het moet maar het zijn helaas nog wel unieke verhalen. Kansongelijkheid in het onderwijs loopt nog steeds op; even slimme kinderen krijgen op school verschillende kansen. Daarom is het symposium Kans op Gelijkheid geïnitieerd om meer bewustwording te creëren rondom dit thema.  

Deze website plaatst cookies. Dit doen we om onze site gebruiksvriendelijker te maken, onder andere door analyse van het bezoekersgedrag. Maar je blijft anoniem. Als je verder surft accepteer je onze cookies.